Het Evangelie van Filippus, een geschrift uit de Nag Hammadi-vondst
ANNETTE VOORBIJ – LUITEN

Het is december 1945 als een Arabische boer, bij het plaatsje Nag Hammadi in Egypte, naar vruchtbare teelaarde voor zijn land zoekt en daarbij een kruik vindt. Als hij de kruik openbreekt, komt er een ‘boek met verhalen’1 uit. Hij haalt er zijn vrienden bij om hun over zijn vondst te vertellen. Ze beseffen dat het iets met de christenen te maken heeft, en gaan ermee naar de geestelijk leider. Deze zegt dat ze er niets mee kunnen en de boer neemt de geschriften mee naar huis. Bij de omzwervingen die daarna beginnen, zijn enkele geschriften verloren gegaan.

Van dit ‘boek met verhalen’ zijn dertien codices in twaalf lederen banden overgebleven die in totaal tweeënvijftig geschriften bevatten. De teksten ─ waarvan sommige gehavend ─ zijn op papyrus geschreven en hebben zo’n zestienhonderd jaar in het zand gelegen. Enkele jaren na de vondst zijn ze bij de wetenschappelijke wereld terechtgekomen en sinds de jaren vijftig worden ze over de hele wereld vertaald en onderzocht. Het zijn geschriften die een revolutie betekenen in het kerkelijk christendom.

Hoe zijn deze geschriften in het zand terechtgekomen?
In de buurt waar de kruik is gevonden stond vroeger een Pachomius-klooster. Een hypothese is dat monniken van het klooster ze daar rond 367 na Christus hebben begraven om zo de teksten veilig te stellen in afwachting van betere tijden. Athanasius, de Aartsbisschop van Alexandrië, liet namelijk in dat jaar een zogenaamde paasbrief uitgaan waarin voor het eerst de volledige Canon stond beschreven van het Nieuwe Testament (zoals het nu nog bestaat). Hij waarschuwde voor de zogenaamde apocriefe boeken: geschriften die door ketters zouden zijn geschreven, op naam van een apostel. Het in bezit hebben van deze boeken zou kunnen hebben betekend dat je uit het klooster werd verwijderd. In de kruik zaten apocriefe geschriften. Een van die geschriften is Het Evangelie van Filippus en wordt gerekend tot een van de belangrijkste teksten uit de Nag Hammadi-vondst. Het is een gnostisch geschrift, zoals vele van de gevonden teksten uit de kruik.

Gnostici
Gnostici gingen ervan uit dat er een andere en hogere God was dan de op de mens lijkende Scheppergod van het Oude Testament. Iets van die hoogste God lag in de mens (besloten) en was gevangen geraakt in de schepping door de afdaling in de stof. Door gnosis kon dit iets, dit Goddelijke Zelf, bevrijd worden en terugkeren tot zijn oorsprong. Gnosis betekent kennis. Deze kennis is een weten van binnenuit; een innerlijk weten dat verstandelijke kennis overstijgt en geen vragen meer oproept. Het geeft antwoord op de levensvragen. De essentie van gnosis is dan ook: de mens is een kosmos in het klein; leert hij zichzelf kennen, dan leert hij God kennen.
In de eerste twee eeuwen werd de gnostiek nog volop erkend. Dit is, toen het christendom een staatsgodsdienst werd, helemaal weggevaagd!

Gnosis ligt aan de basis van het esoterisch christendom. Het lijkt wel of deze geschriften al die eeuwen in het zand hebben liggen wachten. Liggen wachten tot een groot deel van de mensheid in een tijd was aangekomen waarin deze geschriften op hun waarde konden worden geschat. Een tijd waarin deze geschriften gewoon door iedereen die dat maar wil, kunnen worden gelezen. Het hoeft niet meer in het verborgene, niet meer ondergronds. We zijn hier in het westen in een tijd aangekomen waarin de geestelijke kerkleider van zijn voetstuk is gevallen. De reden is u bekend en daar komt bij dat veel mensen midden in een individualisatieproces zitten. Zij hebben geen behoefte meer aan een kerkelijke autoriteit die een dogmatische leer verkondigt. De exoterische leer schept geen voldoening meer. Er is ruimte gekomen voor een esoterische leer.

Waar komt ‘Het Evangelie van Filippus’ vandaan?
Men zegt dat dit evangelie uit de School van Valentinus komt, een bekende en grote gnosticus. Het geschrift was naar het Koptisch2 in Griekse letters geschreven. Het is een samenhangend geheel, maar omdat de stijl nogal divers is, wordt er door sommigen vanuit gegaan dat het van meerdere auteurs afkomstig is. Een onderzoeker van het Evangelie van Filippus heeft als hypothese dat het instructies zijn voor dopelingen, opgedeeld in drie delen. Het eerste deel bevat de voorafgaande instructies. Het tweede deel de mystagogie, dit betekent: ingewijd worden in de mysteriën. Het derde deel: exhortatie, waarin duidelijk wordt gemaakt dat men met de verworven kennis zorgvuldig om dient te gaan3.

Wat betekent dit evangelie voor de mens van deze tijd?
Dit evangelie brengt je kennis en bewustwording van je Goddelijke Kern die als gevolg van de afscheiding van de Geest niet meer actief werkzaam is. Is de Goddelijke Kern weer actief, dan is de weg om te komen tot in het Mystieke Bruidsvertrek geopend. Mystiek betekent geheimzinnig en onverklaarbaar.

In de teksten vinden we regelmatig de vergankelijke wereld als weerspiegeling van de onvergankelijke wereld. Belangrijk is om het onderscheid te leren kennen tussen deze twee werelden, zodat je jezelf los kunt maken van de banden die je vasthouden in de vergankelijke wereld. Als je deze banden loslaat, dan kan door een hogere kracht (de Christuskracht) je Goddelijke Kern worden geactiveerd. Wanneer dit gebeurt, kom je tot het besef dat er een hogere wereld is waar je niet binnen kunt treden. Je bent daarvoor niet geschikt, je bent er nog volledig van afgescheiden. Je beseft dat je daar zonder reiniging niet kunt komen. Het is het begin van een proces om tot Verlossing te komen. Dit proces wordt in het evangelie beschreven als: Doop, Zalving, Avondmaal, Kruis, Verlossing, Opstanding, Bruidsvertrek of Heilig Huwelijk. Met de sacramenten die hier genoemd staan, worden geen uiterlijke rituelen bedoeld. Het is een innerlijke begeleiding, werkend vanuit de Christuskracht. Deze inwijdingsweg die leidt naar het Heilig Huwelijk, is de weg van de Eenwording tussen ego/ziel en Hoger Zelf/Innerlijke Christus. De ware mens staat op, een mens die leeft vanuit Eenheidsbewustzijn.

Maria Magdalena wordt in dit evangelie de gezellin van Jezus genoemd. Zij is zijn geliefde. Zij is voortdurend samen met Jezus, ze kussen elkaar op de mond en zijn volkomen vertrouwd met elkaar.Maria Magdalena staat aan de basis van het Johanneïsche christendom, zij ziet/weet/voelt veel meer dan de apostolische traditie.

De indeling
Het Evangelie van Filippus bestaat uit spreuken die zijn ingedeeld in paragrafen. Omdat alles achter elkaar stond, hebben de vertalers een eigen nummering aangebracht. De teksten die ik gebruik zijn ingedeeld in 101 paragrafen en komen uit De Nag Hammadi Geschriften van Jacob Slavenburg en Willem Glaudemans, de Nederlandse vertaling die is uitgekomen in de jaren negentig van de vorige eeuw.

Foto: NagHammadi.png

Omdat het een inwijdingsgeschrift is, komend uit een tijd waarin men nog gemakkelijk in beelden dacht, is het van belang om ─ zo af en toe ─ een paragraaf mee te nemen in meditatie. Je creëert dan ruimte om zelf invoelend met de tekst bezig te zijn waardoor er een beweging kan ontstaan naar de inwonende Geest toe. Door innerlijke groei kom je in andere en diepere lagen.

Twee paragrafen en een uitleg:
2
Een [slaaf] poogt alleen maar vrij te worden;
hij is er niet op uit het bezit van zijn meester
te verkrijgen.
De zoon echter is niet alleen maar een zoon,
maar maakt ook aanspraak op de erfenis van de vader.

Toelichting:
Uitleg 1) Een slaaf: Als je hier op aarde in de vergankelijke wereld een slaaf bent, dan ben je het bezit van een meester. Wat je wilt, is je vrijheid terug, maar dit blijft een vrijheid in de vergankelijke wereld.

Uitleg 2) Een slaaf: Als je nog gehecht bent aan de materie, de vergankelijke wereld, volg je uiterlijke regels na, omdat het zo hoort of omdat je ergens in gelooft. Je leeft in emoties. Je ego is je meester (je kunt boven je emoties uitstijgen, maar dat is een geestelijk proces).

Hij is er niet op uit het bezit van zijn meester te verkrijgen:
Het ego heeft geen erfenis; het ego is er alleen maar op uit om aan de macht te blijven.

Om vrij te worden, zul je je naar binnen moeten keren, zien dat je een geestelijk wezen bent. Met het inzicht wat je daarbij ontvangt, kun je toegroeien naar een leven vanuit de Innerlijke Christus, in plaats vanuit het ego. Je leeft dan in verbinding met de Geest, de Vader. Je bent Zijn kind, de zoon, en alles wat van Hem is, valt je toe.

Kern:
Hier worden twee werelden geschetst:
1) De vergankelijke wereld, je leeft in de dualiteit waarin je gevangen zit.
2) De onvergankelijke wereld, de wereld boven de dualiteit, waar alles Een is.

3
Wie erven wat dood is,
zijn zelf dood
en ze erven wat dood is.
Wie erven wat levend is,
die leven;
ze erven zowel wat levend
als wat dood is.
Zij die dood zijn erven niets.
Want hoe kan een dode erven?
Als de dode het levende erft,
zal hij niet sterven,
Maar juist voluit kunnen leven.

Toelichting:
Alles wat vergankelijk is, de materie, leeft dankzij de Geest (het Licht) en heeft zelf geen leven in zich.
Als de materiewereld het enige is wat er bestaat voor je, dan geloof je in een wereld die ophoudt te bestaan. Zelfs als je sterft, zul je niet ineens bewust zijn van wie je werkelijk bent, namelijk een goddelijk wezen. Je verkeert nog steeds in dezelfde onbewuste toestand.

Ze erven zowel wat levend als wat dood is:
Als de Goddelijke Kern in je wordt geactiveerd, dan komt de Innerlijke Christus/het Hoger Zelf in je tot leven. Je komt tot het besef dat er meer is dan de materie. Je wordt je bewust van de Geest die overal doorheen ademt en je wordt je bewust dat je dankzij de (dode) materie kunt ontwikkelen. Ontwikkelen en geestelijk groeien door de lessen die je in het leven tegenkomt. Door omvorming van de nog onbewuste stukken, groeit je bewustzijn. Zo kom je meer en meer tot leven. Wat nog onbewust is in je, zijn de dode stukken. Totdat ook hier het Licht op schijnt en bewustwording optreedt.

Als de dode het levende erft, zal hij niet sterven, maar juist voluit kunnen leven:
Als je gaat leven vanuit het Hoger Zelf. Niet het ego spreekt, maar het Hoger Zelf spreekt in je. Dit betekent dat je zonder angst, in vol vertrouwen in je Licht durft te gaan staan.
Als je het levende erft en je sterft op aarde, laat je je lichaam achter en leef je verder in de geestelijke wereld. Je leeft, voor zo iemand is er geen dood.
                                                                                                                            
Kern:
Verschil tussen de niet ontwaakte mens en de ontwaakte mens. Bij de ontwaakte mens is de Goddelijke Kern actief. Deze mens kan toegroeien naar een mens met een geestelijk verlichte Ziel.

1 Dit zijn de woorden van de boer en is een citaat uit De Nag Hammadi Geschriften van Jacob Slavenburg en Willem Glaudemans
2 Koptisch: een Egyptische oude taal. Kopten zijn christelijke Egyptenaren
3 Bas van Os heeft hier een proefschrift over geschreven

Gebruikte bronnen:
De Nag Hammadi geschriften van Jacob Slavenburg en Willem Glaudemans
Apokryphe Evangelien aus Nag Hammadi van Konrad Dietzfelbinger
Lezing: Het Evangelie van Filippus van Hans Stolp